Deel dit artikel:

Sven Nys: ‘Jonge generatie moet het klassieke namen moeilijker kunnen maken’

Koersliefhebbers hoeven niet te treuren dat het wegseizoen stilaan op zijn einde loopt, want zondag wordt in Beringen de nieuwe veldritcampagne op gang getrapt. In de septembereditie van Poggio liet Sven Nys zijn licht schijnen op zijn eigen ploeg en de rest van het veld.

Ladies first. Lucinda Brand won in juli de Baloise Ladies Tour en lijkt klaar om het rotseizoen dat ze achter de rug heeft naar de vergetelheid te rijden.

Sven Nys: “Eerst was er die breuk in haar hand, daarna werd ze ziek en vervolgens raakte ze niet uit het sukkelstraatje. Op het WK werd ze wel nog knap derde, maar ook daarna draaide het nog maanden vierkant: de normale wattages bleven uit, ze had last van verkoudheden. Pas sinds haar hoogtestage in Livigno lijkt Lucinda weer helemaal de oude. Ze gaat een volledig crossseizoen rijden, net als Shirin van Anrooij, onze wereldkampioene bij de beloften.”

Met Puck Pieterse en Fem van Empel zijn vorig seizoen wel twee te duchten concurrenten ontbolsterd.

“Naar mijn gevoel moeten Lucinda en Shirin altijd voor het podium kunnen meedoen, elk op hun type parcours. Lucinda – iets ouder – heeft het liever wat zwaarder en trager, terwijl Shirin een vinnige hardrijdster is. Maar geen van beiden is echt explosief, dus als het op een sprint aankomt, zijn ze meestal in het nadeel.”

Opvallend: de vrouwencross is haast een volledig Nederlands onderonsje geworden.

“Iedereen is op zoek naar de nieuwe Sanne Cant. Dat hopen wij op termijn te doen met Fleur Moors, die overkomt van de ploeg van Jurgen Mettepenningen. Zij is Belgisch kampioen bij de junioren (en werd in Glasgow derde op het WK op de weg, red.). Met Fleur hebben we iemand die we geleidelijk aan kunnen laten groeien. En ook sponsor Baloise is blij met die Belgische inbreng.”

Wat verwacht je het komende half jaar van je mannelijke eliterenners?

“Lars van der Haar is onze routinier. Hij won vorig seizoen de Superprestige, maar wint erg moeilijk wedstrijden, zelfs als Van Aert, Van der Poel en Pidcock er niet bij zijn. Dus ik hoop dat dat iets vaker gaat gebeuren. Verder heb ik het gevoel dat alle jongens min of meer op hetzelfde niveau zitten, waardoor ze elkaar ook wat kunnen afwisselen in de voorste gelederen. Joris Nieuwenhuis en Pim Ronhaar zijn sterke atleten die stilaan moeten kunnen wedijveren met Eli Iserbyt, Laurens Sweeck en Michael Vanthourenhout. Dat geldt ook voor mijn zoon Thibau natuurlijk, die vanaf dit seizoen voltijds elitecrosser is en hopelijk weer een nieuwe stap vooruit kan zetten. Zijn generatie, met leeftijdsgenoot Emiel Verstrynge en iets oudere jongens als Niels Vandeputte, Toon Vandebosch en Gerben Kuypers – voor mij dé revelatie van vorig seizoen – zou het de klassieke namen toch steeds moeilijker moeten kunnen maken.”

Lees het volledige artikel in de nieuwe editie van Poggio, nu verkrijgbaar in de winkel, HIER online te bestellen of HIER online te lezen via Blendle. Abonneer je HIER en geniet van onze aantrekkelijke abonnementsformules!